Vliegen op waterstof: hype, hoop of haalbare toekomst?
De luchtvaart krijgt de taak om snel te vergroenen. Waterstof wordt daarbij vaak genoemd als veelbelovende brandstof van de toekomst. Maar de vraag blijft of vliegen op waterstof realistisch is of vooral bestaat uit wensdenken?
Waterstof is geen wondermiddel maar wel onmisbaar
Eén magische oplossing die de luchtvaart volledig moet vergroenen, dat lijkt eerder een utopie. De luchtvaart zal dus verschillende energiebronnen dienen te combineren. Waterstof, via verbranding of brandstofcellen, wordt cruciaal voor regionale en middellange vluchten, naast batterijen en synthetische brandstoffen. Waterstof heeft een hoge energiedichtheid en stoot bij gebruik enkel water uit. Maar de technologie vereist hierbij echter een hele systeemverandering, waarbij zowel vliegtuigen, luchthavens, infrastructuur en certificering allemaal moeten mee evolueren.
Vraagtekens bij waterstof op gebied van prijs, infrastructuur en veiligheid
Groene waterstof is duur, tot acht keer de prijs van kerosine. Toch zal de kostprijs dalen naarmate de productie op schaal toeneemt, zeker op plekken met goedkope hernieuwbare energie. Ook de infrastructuur vergt forse investeringen. Maar volgens experts is dat geen reden tot uitstel, zo zouden regionale waterstofvluchten al kunnen starten met tankwagens en opslag op luchthavens. En ook over de veiligheid bestaan zorgen, maar daarom stelt de luchtvaartsector strenge eisen opdat waterstof minstens even veilig is als kerosine. Zo wordt het gebruik van waterstof een haalbare piste voor de luchtvaart, maar wel eentje waar niet alle pijlen tegelijk op gericht kunnen worden.
